Wethouders van subregio H2O op ‘werkgeverstour’

In de arbeidsmarktregio Zwolle wordt intensief samengewerkt aan eenduidige werkgeversdienstverlening en een inclusieve arbeidsmarkt. Drie wethouders van de subregio H2O omarmen dit streven van harte en gingen daarom ‘op tour’ naar werkgevers. Om te horen wat zij daarvoor nodig hebben én om hun waardering te tonen voor bedrijven die voorop lopen, bezochten Doret Tigchelaar (Hattem), Jan Berkhoff (Heerde) en Liesbeth Vos (Oldebroek) drie bedrijven: Van Werven Infra en Recycling, Houtman Transport en Brink Techniek.

Wat is u van dit werkbezoek het meest bijgebleven?
Berkhoff: “Je proeft een enorme betrokkenheid met het personeel in deze bedrijven. Deze werkgevers willen erin investeren, zoeken naar oplossingen om mensen gelukkig te maken in hun werk. Cor van Werven zei letterlijk: ‘onze mensen zijn ons kapitaal’. Er is bij deze bedrijven oprechte interesse in mensen, anders heb je dat geduld niet.”
Tigchelaar: “Ja, want als je het alleen maar voor ‘onder de streep’ doet, dan steek je daar geen energie in. Dan haal je niet iemand op en breng je hem weer thuis omdat het even niet gaat.”
Berkhoff: “Ze gaan soms eigenlijk helemaal buiten hun rol als werkgever, gewoon om iemand te redden en te behouden voor het werk.”
Vos: “Ze vinden echt dat deze mensen dat plekje gewoon verdienen. Dat klonk ook wel door, ze hebben hart voor mensen die het niet helemaal zelfstandig kunnen. Mensen voelen zich door die houding thuis. Daar ben ik als wethouder heel blij mee.”

Wat kun je als wethouder met de signalen die werkgevers tijdens zo’n werkbezoek geven?
Tigchelaar: “Die signalen neem je natuurlijk mee. Bij een van de werkgevers hoorde je bijvoorbeeld duidelijk dat het korte lijntje met de werkmakelaar resultaat heeft. Dat werkt dus. Daar heb ik ook vanaf dag één wel in geloofd.
Berkhoff: “Wat we hier horen is natuurlijk niet uniek voor onze subregio. De snelheid van oplossingen bijvoorbeeld, dat is iets waar heel Nederland mee worstelt. Je wilt soms flexibel met wet- en regelgeving kunnen omgaan om maatwerkoplossingen te vinden.”
Tigchelaar: “Je slaat het ook op omdat we natuurlijk het echte werkgeversservicepunt nog vorm moeten gaan geven. Hoe meer je met ondernemers praat, hoe meer je weet waar ze ‘ontzorgd’ willen worden. Daar kunnen en moeten we iets mee.”
Vos: “Een goede eenduidige werkgeversdienstverlening in de hele arbeidsmarktregio blijft een belangrijk streven. Het systeem aanpassen op de situatie in plaats van dat werkgevers zich allemaal op het systeem moeten aanpassen. Daar hebben we deze input bij nodig.”

U zei dat de investeringen in de contacten die zijn gelegd nu revenu oplevert. Kunt u dat toelichten?
Tigchelaar: “Bij de invoering van de Participatiewet was het al meteen duidelijk dat gemeenten moesten gaan investeren in de contacten met werkgevers. Ik zal niet zeggen dat dat voorheen niet gebeurde, maar de focus is wel anders. We hebben de werkgevers echt nodig om dit te laten slagen.”
Berkhoff: “Je zet de deur open voor je werkgeversdienstverlening. Er komen vaak bezoeken uit voort van je accountmanagers. En dat loont dus. Je ziet nu meer en meer dat er plaatsingen plaatsvinden. De markt is natuurlijk ook goed, maar de kansen liggen er.”

Een inclusieve arbeidsmarkt en eenduidige werkgeversdienstverlening is een opgave voor de hele arbeidsmarktregio, waarom doet u dit als H2O?
Tigchelaar: “Het is werkzamer. Wij hebben een grote arbeidsmarktregio met veertien gemeenten. Daarom hebben we meteen gezegd: dan moeten we wel subregio’s eronder hangen. Dat moet eerst gaan werken. Het is een pragmatische keuze om eerst in kleine kring met elkaar stappen te zetten om uiteindelijk wel bij dat ene werkgeversservicepunt uit te komen. Dat blijft het einddoel.”
Vos: “We willen dat we de mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in onze gemeenten kennen. En we willen één systeem hebben. Als wij ze in Oldebroek erin zetten dat ook Hattem kan denken we hebben een vraag, wij kunnen die niet bedienen, ik kan verder kijken dan mijn eigen gemeente. Daarvan hebben we als H2O gezegd: ‘dat willen we met elkaar afsluiten.’ Uiteindelijk moet dat ook regionaal in de grotere arbeidsmarktregio.”
Berkhoff: “Je hebt te maken met een hele kwetsbare doelgroep. De afstand tot de arbeidsmarkt is soms ook een letterlijke afstand. Als je banen arrangeert die investeringen in vervoersmiddelen enzovoort vergen dan wordt het nog complexer. Daarom is het goed zoveel mogelijk lokaal of subregionaal oplossingen te zoeken.”

Wat als werkgevers wel de motivatie maar niet de structurele arbeidsplek hebben?
Tigchelaar: “We hebben ook werkervaringsplekken nodig waar mensen weer ‘arbeidsfit’ kunnen worden. Daar zagen we hier vandaag ook een mooi voorbeeld van bij Brink Techniek. Een relatief klein bedrijf, conjunctuurgevoelig en daarom dus een flexibele schil. Toch geeft hij wel iemand een kans. We kunnen natuurlijk geen vijf mensen ineens hier plaatsen. Maar hij kan wel een puzzelstukje zijn richting die structurele plaatsing.”

Gepubliceerd: 14-11-2017
Fotografie: Raymond van Olphen info@bullet-ray.nl / Vincent Jannink vincentjannink@euronet.nl