‘Wat we delen is het geloof in mensen’

Uitvoering geven aan de Participatiewet vraagt om innoveren en experimenteren. Daarom troffen de wethouders Koning uit Meppel en Vedelaar uit Zwolle elkaar donderdag 8 oktober op het LeerWerkCentrum Meppel.

De steden Zwolle en Meppel hebben beide een relatief grote groep werklozen, met daarbinnen een hoger percentage allochtone werkzoekenden dan in landelijke gemeenten. Taalachterstand is een belangrijke factor in de arbeidsproblematiek. Die overeenkomst maakt het uitwisselen van initiatieven extra waardevol, juist omdat beide gemeenten werken vanuit dezelfde filosofie: geloof in de mensen zelf.

Tuinieren
“Iedereen is aan het zoeken en slimme dingen bedenken. Wat is er dan mooier dan op het niveau van wethouder elkaar scherp te houden en te vragen: “heb je hier aan gedacht?” zegt Koning. Hij bezoekt samen met collega wethouder Vedelaar onder andere het Meppeler initiatief TaalTuin, waarin allochtone en autochtone werkzoekenden samen tuinieren. De eerste groep leert werkenderwijs de Nederlandse taal; de tweede doet didactische ervaring op. Een idee dat ook toepasbaar zou zijn in de Zwolse Stadstuinprojecten, volgens Vedelaar.

Koning kijkt op zijn beurt ‘met lichte afgunst’ naar de manier waarop Zwolle werkgevers betrekt. Zwolse werkzoekenden kunnen daardoor hun werknemersvaardigheden daadwerkelijk binnen bedrijven opdoen.

Werkgevers
Beide wethouders zeggen vooral blij te zijn dat de ‘kaartenbakken’ per stad zijn verdwenen. De regionale arbeidsmarkt is een feit, “al moeten we daar op bestuurlijk niveau nog wel een slag slaan”, zegt Koning. De komende tijd richten beide gemeenten hun pijlen nu in de eerste plaats op dienstverlening aan werkgevers, zodat die tevreden terug blijven komen met nieuwe vacatures.

Gepubliceerd op 12-10-2015